Castratie & Sterilisatie

Waarschijnlijk weet je ongeveer wel wat het betekent om een huisdier te castreren of te steriliseren. Maar hoe gaat het precies in zijn werk? En waarom is het belangrijk? 

Wat betekent het nu precies, castreren of steriliseren? En wat is het verschil? Castreren is het verwijderen van de zaadballen van een mannelijk dier, terwijl sterilisatie het verwijderen van de eierstokken en/of de baarmoeder van een vrouwelijk dier is. Eigenlijk heet dit ook castreren, maar in de volksmond noemt men het steriliseren. Voor de duidelijkheid hebben wij het dus over steriliseren als het gaat om een vrouwelijk dier. 

Als baasje van een huisdier kun je ervoor kiezen om hem of haar één van deze operaties te laten ondergaan. Je kunt hiervoor kiezen in verband met gezondheidsredenen: als je niet wilt fokken met een vrouwtjesdier, kan het beter zijn voor haar gezondheid om haar te laten steriliseren. Het castreren van een mannetjesdier kan ervoor zorgen dat er minder probleemgedrag ontstaat. Ongecastreerde mannetjes zijn namelijk vaak dominanter dan gecastreerde mannetjes, waardoor het soms voor de omgeving van een huisdier fijn is als hij gecastreerd wordt.

Voor verschillende diersoorten gelden echter verschillende overwegingen als het gaat om castreren of steriliseren. Lees hieronder verder over deze procedures bij honden, katten en konijnen.

Hond

Sterilisatie
Voor teefjes (vrouwtjeshonden) geldt dat het beste tijdstip voor sterilisatie tussen de eerste en de tweede loopsheid is. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken  dat wanneer men een loopsheid afwacht en daarna steriliseert, de kans op urine-incontinentie op latere leeftijd wordt verkleind. Langer wachten met de sterilisatie kan echter weer ongunstig zijn. Daarna neemt namelijk per loopsheid de kans op baarmoederontsteking of tumoren van de melklijst toe. Is je hond al één keer loops geweest? Maak dan een afspraak met ons om haar te laten steriliseren rond 3 maanden na de loopsheid.

Wij doen de sterilisatie met behulp van de techniek met de camera. Oftewel de laparoscopische sterilisatie. De laparoscopische sterilisatie is minder pijnlijk  voor de hond, levert minder mogelijke problemen op én ze hoeven maar 2 dagen even rustig aan te doen. Wil je meer weten over deze vorm van sterilisatie van de hond? Lees hier verder.

Castratie
Castratie van een reu (mannetjeshond) is van minder groot belang dan het steriliseren van een teefje. Castratie is met name handig als je hond een probleem vormt voor de omgeving omdat hij ongewenst dominant gedrag vertoont. Daarnaast geldt voor oudere reuen dat problemen met de prostaat een reden kunnen zijn om tot castratie over te gaan. 

 Tijdelijke castratie reu? Jazeker, dat kan ook. Met een implantaat (Suprelorin) onder de huid van je hond kunnen we de productie van geslachtshormonen tijdelijk stilleggen.

Het kort werkende implantaat lost na  ongeveer een half jaar op. Het langwerkende implantaat werkt ongeveer een jaar. In die tijd kan je zien wat het effect van castratie zou zijn op het ongewenste gedrag van de hond en kan er bepaald worden of het nodig is om over te gaan tot chirurgische (en definitieve) castratie.

Gevolgen
Na de sterilisatie of castratie van een hond is er kans op gewichtstoename. De huishouding van de geslachtshormonen kost namelijk energie. Bij een gesteriliseerde of gecastreerde hond is dat niet meer nodig en dus blijft die energie ‘over’. De energie wordt omgezet in vet en dus kan de hond zwaarder worden. Als hondenbaasje is het dus belangrijk om na de operatie goed op het gewicht van je maatje te letten. Eventueel moet de voeding van je hond worden aangepast.

Kat

Ook katten kunnen gesteriliseerd of gecastreerd worden. Er geldt veelal hetzelfde als voor honden, namelijk:

Sterilisatie
Een poes kan gesteriliseerd worden om gezondheidsproblemen zoals baarmoederontstekingen te voorkomen. Maar het aller belangrijkste is dat door sterilisatie (het weghalen van de eierstokken)  je kat niet meer iedere twee weken krols wordt en dus niet meer ongewenst kittens kan krijgen. Doordat de hormonen geen rol meer spelen als de eierstokken verwijderd worden is de poes veel minder onrustig. Dat maakt je poes veel fijner om in huis te hebben.

Castratie
Een kater kan gecastreerd worden als je merkt dat hij onprettig gedrag vertoont. Ongecastreerde katers zijn meer territoriumgedreven en zullen dus vaker vechten met andere katers om dat territorium te verdedigen. Ook markeren katers hun territorium door urine te sproeien. Dat kan vervelend zijn voor jou en/of je buren.

Een kater ‘moet’ gecastreerd worden als hij tussen de 6 en de 7 maanden oud is. Om ongewenste nestjes te voorkomen is het castreren van de kater net zo van belang als het steriliseren van de poes. Een niet gecastreerde kater gaat bovendien letterlijk overal naar toe om zich te kunnen voortplanten. Hij gaat dus echt de hort op.

Daarbij is een niet gecastreerde kater erg territoriaal en zal hij urine gaan sproeien en veel vechten met andere katten. Met alle gevolgen van dien. Dit is iets wat je als kattenbaas niet moet willen. Een intacte (niet gecastreerde) kater bij een kattenfokker heeft om deze redenen vaak een aparte plek in huis.

Konijn

Niet alleen honden en katten kunnen gesteriliseerd of gecastreerd worden. Ook voor konijnen is het mogelijk om deze operatie te ondergaan.

Sterilisatie
Een voedster (vrouwelijk konijn) kan gesteriliseerd worden voor gezondheidsredenen. Een voedster kan namelijk baarmoederontstekingen of baarmoederkanker krijgen. Sterilisatie zorgt ervoor dat dat niet meer kan.

Ook kan je je konijn laten steriliseren als je wilt voorkomen dat ze een nestje babykonijntjes krijgt. Bijvoorbeeld als je ook (ongecastreerde) mannelijke konijnen hebt.

Castratie
Een rammelaar (mannelijk konijn) kan gecastreerd worden als je ook één of meerdere voedsters hebt. Ook kan er gekozen worden voor castratie van een rammelaar als je merkt dat je konijn vervelend gedrag vertoont, zoals dominantie tegenover je andere konijnen of het afbakenen van zijn territorium op een voor jou belastende manier.